Monumenten

Er zijn veel herdenkingsmonumenten op het landgoed Bronbeek en er worden elk jaar veel herdenkingen georganiseerd. Er nemen altijd veel mensen deel, waarbij alle belangstellenden welkom zijn. Een actueel overzicht van de geplande herdenkingen in 2025 is te vinden in onze agenda: klik hier voor de agenda.

Hieronder volgt een beknopte beschrijving van enkele van de monumenten en bezienswaardigheden op het landgoed.

Vier gebouwen zijn genoemd; Dit zijn:

  • Ⓐ het hoofdgebouw waarin het museum is gehuisvest, en waar de bijna 50 veteranen wonen.
  • Ⓑ de commandantswoning, waar natuurlijk de commandant van Bronbeek woont.
  • Ⓒ reünie- en congrescentrum, tevens restaurant, Kumpulan.
  • het wachthuisje bij de hoofdingang van het landgoed.

Verder zijn er ongeveer 40 bezienswaardigheden op het landgoed te bewonderen. Onderstaand lichten we er 13 uit. Alle foto’s zijn van de hand van Rob Kleering van Beerenbergh.

① Allereerst het bekende bankje voor de ingang van het hoofdgebouw. Dit bankje wordt altijd bezet door iemand die we “Jan van Bronbeek” noemen. Het bankje is ter ere van het 150-jarig bestaan van Bronbeek aangeboden door onze stichting, en is sindsdien het meest gefotografeerde object op het landgoed. Neem gerust plaats naast “onze Jan”.

② Dan het KNIL-monument, vlakbij de ingang van het hoofdgebouw. Toen het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL) in 1950 werd opgeheven, bestond zij al 136 jaar. Elk jaar wordt hier de opheffing nog herdacht, dit jaar voor de 75e keer. Het KNIL was het koloniale leger van Nederland in Nederlands-Indië, en bestond uit beroepsmilitairen van diverse afkomst, waaronder veel Molukkers, en speelde een centrale rol in het handhaven van het Nederlandse gezag in de kolonie. Het KNIL voerde talloze militaire expedities uit tegen lokale vorsten en opstanden, en vocht tijdens de Tweede Wereldoorlog tegen de Japanse bezetting. Na de Indonesische onafhankelijkheid werd het leger ontbonden en veel KNIL-militairen, vooral Molukkers, kwamen met hun families naar Nederland

③ Het monument van de Birma-Siam en Pakan Baroe spoorweg kenmerkt zich door de drie pagoden, en staat vlak naast het monument voor de Japanse zeetransporten.
De Birma-Siam spoorweg, ook wel de Dodenspoorlijn genoemd, verbond Thailand en Myanmar. De Pakan Baroe spoorweg werd aangelegd op Sumatra. Beide spoorlijnen werden in opdracht van de Japanse bezetter aangelegd met behulp van krijgsgevangenen en dwangarbeiders.
De aanleg van deze spoorlijnen was een traumatische gebeurtenis, waarbij duizenden mensen om het leven kwamen door ziekte, uitputting en mishandeling. Het monument is een blijvende herinnering aan hun lijden en de offers die zij hebben gebracht.

④ De geschiedenis van Japanse zeetransporten kent een donkere bladzijde, vooral tijdens de Tweede Wereldoorlog. Tussen 1942 en 1945 gebruikte Japan meer dan 200 vrachtschepen om ruim 120.000 geallieerde krijgsgevangenen en meer dan 300.000 Indonesische dwangarbeiders (Romusha’s) te vervoeren naar werkkampen verspreid over Zuidoost-Azië. Deze transporten vonden plaats onder erbarmelijke omstandigheden: overvolle ruimen, gebrek aan voedsel, water en medische zorg. Veel van deze schepen werden later bekend als “hellships”.
Een aanzienlijk aantal van deze schepen werd getorpedeerd door geallieerde onderzeeërs, vaak zonder dat men wist dat er gevangenen aan boord waren. Naar schatting kwamen tussen de 22.000 en 27.000 westerse gevangenen om het leven tijdens deze transporten, en het aantal Indonesische slachtoffers ligt vermoedelijk nog veel hoger.

⑤ ⑥ Ook de monumenten voor de Japanse vrouwenkampen en de Japanse jongenskampen staan vlak bij elkaar. Deze monumenten herinneren aan de bijna 100.000 Nederlandse vrouwen die met hun kinderen, in de periode van 1941 tot en met 1945 gevangen zaten in Japanse interneringskampen.

Tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië werden mannen en jongens vaak gescheiden van hun vrouwen en kinderen en in aparte kampen ondergebracht. Deze kampen, vaak jappenkampen genoemd, waren vaak schrijnende plekken met gebrek aan alles: voedsel, medicijnen en medische zorg. Velen stierven door ondervoeding, ziekte of uitputting. De ervaringen in deze kampen, waar jongens soms al vanaf hun twaalfde werden geïnterneerd, waren traumatisch en lieten diepe littekens achter.

⑦ Iets hoger op het terrein gelegen vinden we het monument waar de Koninklijke Landmacht haar gevallenen herdenkt. Het monument is een abstracte marmeren sculptuur in de vorm van een gescheurde cirkel. Het herdenkt alle personeelsleden van de Koninklijke Landmacht die zijn overleden tijdens hun actieve dienst. De scheur in de cirkel symboliseert de kwetsbaarheid van het leven, terwijl de inscriptie op het monument de kracht van liefde boven alles benadrukt. Het werd onthuld op 31 mei 2001.

⑧ Het monument Strafkamp Dampit staat er niet ver vandaan. Strafkamp Dampit was een Japans werkkamp in Oost-Java, opgericht in 1944 voor Indische jongens van 15 tot 18 jaar. Onder het mom van “oefeningen” werden zij gedwongen tot zware arbeid, zoals houthakken, onder erbarmelijke omstandigheden. In juni 1945 werden dertien van hen geëxecuteerd op verdenking van verzetsactiviteiten — een tragedie die bekendstaat als de Dampit-affaire.

⑨ Vervolgens het Indië monument Arnhem. Het monument is een zwarte marmeren zuil ter nagedachtenis aan circa vijftig Arnhemse militairen die tussen 1945 en 1962 zijn gesneuveld in het voormalig Nederlands-Indië en Nieuw-Guinea. Het monument werd op 2 mei 2001 onthuld op initiatief van veteranenverenigingen uit de regio. Op de zuil staan de namen van de omgekomen militairen gegraveerd, als blijvende herinnering aan hun inzet en offers.

⑩ En vlak daarnaast het monument Papuastrijders. Het monument eert de inheemse strijders uit Nederlands Nieuw-Guinea die tussen 1942 en 1962 zij aan zij vochten met Nederlandse militairen. Deze Papua’s speelden een cruciale rol als gidsen, dragers en verkenners tijdens patrouilles in het ondoordringbare oerwoud. Het monument werd op 1 oktober 2012 onthuld op initiatief van Nieuw-Guinea-veteranen, als blijvend eerbetoon aan hun moed en loyaliteit.

⑪ Monument Indisch verzet. Het monument herdenkt de moedige mannen en vrouwen die tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië (1942–1945) in verzet kwamen. Het bestaat uit een witte natuurstenen zuil met op de rand een bronzen zittende figuur. De inscriptie luidt: “Den Vaderlant ghetrouwe blijf ick tot in den doet…”. Het werd in 1997 onthuld op initiatief van het Voormalig Verzet Oost-Azië (VVOA), als blijvend eerbetoon aan hun strijd en opoffering.

⑫ Het monument Glodok is een gedenksteen ter nagedachtenis aan de Indo-Europese jongeren die tijdens de Japanse bezetting van Nederlands-Indië in 1944 gevangen werden gezet in de Glodok-gevangenis in Jakarta. Velen van hen stierven daar door marteling en uithongering, nadat ze weigerden een loyaliteitsverklaring aan de Japanse bezetter te ondertekenen. Het monument is een replica van de gedenksteen op de erebegraafplaats Menteng Pulo en draagt de inscriptie: “Ter nagedachtenis aan hen wier moed en standvastigheid zegevierden over de dood.”

⑬ Niet echt een monument, maar de plantenkalender is zeker het bezichtigen waard. De plantenkalender op het landgoed is een kleurrijk mozaïekperk waarin dagelijks de juiste datum wordt weergegeven met behulp van planten in houten bloembakken. Deze traditie begon in 1938, toen tuinbaas Piet van der Pol het idee kreeg om de datum met planten uit te beelden. Elk jaar krijgt het perk een nieuw thema, vaak met een militair of historisch karakter, zoals veteranen of de Slag om Arnhem. De plantenkalender is van eind mei tot oktober zichtbaar vanaf de Velperweg en wordt dagelijks met zorg bijgehouden.